Het Christelijk Nationaal Vakverbond (CNV) is een grote Nederlandse werknemersorganisatie die uitgaat van christelijke principes. Bij de organisatie zijn acht vakbonden aangesloten, die elk in één of meer sectoren actief zijn. Het CNV is naast de FNV i de bekendste vakcentrale van Nederland. In totaal vertegenwoordigt het CNV zo'n 290.000 werknemers.

In 1909 besloten een aantal christelijke vakbonden zich te verenigen onder de naam Christelijk Nationaal Vakverbond. Na een korte periode waarin leden van alle geloofsovertuigingen aangenomen werden, werd het CNV een protestants-christelijke organisatie.

Als in de tweede helft van de jaren zestig en de eerste helft van de jaren zeventig gesproken wordt over het vormen van een federatie van alle Nederlandse vakcentrales, houdt het CNV zich hierbuiten om een eigen (christelijke) identiteit te kunnen handhaven. Het socialistische Nationaal Verbond van Vakverenigingen (NVV) en het Nederlands Katholiek Vakverbond (NKV) komen wel nader toe elkaar en vormen de Federatie Nederlandse Vakbeweging (FNV).

Hoewel het CNV zich niet bij deze federatie aansluit vindt er wel samenwerking plaats tussen de twee werknemersorganisaties.

Er zijn acht vakbonden die aangesloten zijn bij het CNV:

  • CNV Vakmensen
  • CNV Connectief
  • CNV Onderwijs
  • CNV Zorg en Welzijn
  • CNV Publieke Diensten
  • CNV Overheid
  • CNV Kostersbond
  • CNV Jongeren

Het CNV is lid van het Europees Verbond van Vakverenigingen i, heeft een afvaardiging in het Sociaal en Economisch Comité in Brussel, en zetelt in de Sociaal Economische Raad (SER i).

 
Deze website is tot stand gekomen mede dankzij een subsidie van Instituut Gak.