Inhoudsopgave

Tekst

Sprekers


Aan de orde zijn de stemmingen in verband met de wetsvoorstellen

Wijziging van de Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering en enkele andere wetten in verband met premiedifferentiatie en marktwerking bij arbeidsongeschiktheidsverzekeringen (Wet premiedifferentiatie en marktwerking bij arbeidsongeschiktheidsverzekeringen) (24698); Verzekering tegen geldelijke gevolgen van langdurige arbeidsongeschiktheid en een uitkeringsregeling in verband met bevalling voor zelfstandigen, beroepsbeoefenaren en medewerkende echtgenoten (Wet arbeidsongeschiktheidsverzekering zelfstandigen) (24758); Voorziening tegen geldelijke gevolgen van langdurige arbeidsongeschiktheid voor jonggehandicapten (Wet arbeidsongeschiktheidsvoorziening jonggehandicapten) (24760); Overgangs- en invoeringsrecht voor de totstandkoming van de Wet premiedifferentiatie en marktwerking bij arbeidsongeschiktheidsverzekeringen, de Wet arbeidsongeschiktheidsverzekering zelfstandigen en de Wet arbeidsongeschiktheidsvoorziening jonggehandicapten (Invoeringswet nieuwe en gewijzigde arbeidsongeschiktheidsregelingen) (24776).

(Zie vergadering van 15 april 1997.)

De voorzitter: Ik geef gelegenheid tot het afleggen van stemverklaringen.

©

M.F. (Ria)  JaarsmaMevrouw Jaarsma (PvdA): Voorzitter! Namens mijn fractie is over PEMBA door de heer Van de Zandschulp het nodige gezegd over ons stemgedrag. Mij rest nog de WAZ. Wij vroegen ons zojuist af of het de voor-, de na- of de hoofdwas zou zijn.

Wij zijn de staatssecretaris zeer erkentelijk voor de grondige manier waarop hij ons schriftelijk heeft geïnformeerd over de wijze waarop een aantal door ons aangedragen knelpunten zou kunnen worden opgelost. Wij blijven van mening dat dit wetsvoorstel niet op alle problemen een antwoord geeft, ook niet na de aangekondigde wijzigingen. Desalniettemin zal de hele fractie voor het wetsvoorstel stemmen op basis van het motto ’’iets is beter dan niets’’. Wij realiseren ons namelijk dat als wij ’’nee’’ zeggen tegen dit wetsvoorstel en het zou verworpen worden, er een lelijke lacune zou ontstaan voor de groepen die een dergelijke voorziening nodig hebben.

De voorzitter: Ik stel voor te stemmen bij zitten en opstaan.

Daartoe wordt besloten.

In stemming komt wetsvoorstel 24698.

De voorzitter: Ik constateer, dat de aanwezige leden van de fracties van het CDA, GroenLinks, de SGP, het GPV, de RPF en het lid Bierman tegen dit wetsvoorstel hebben gestemd en die van de overige fracties ervoor, zodat het is aangenomen.

In stemming komt wetsvoorstel 24758.

De voorzitter: Ik constateer, dat dit wetsvoorstel is aangenomen met dezelfde stemverhouding als het vorige.

In stemming komt wetsvoorstel 24760.

De voorzitter: Ik constateer, dat dit wetsvoorstel is aangenomen met dezelfde stemverhouding als het vorige.

In stemming komt wetsvoorstel 24776.

De voorzitter: Ik constateer, dat dit wetsvoorstel is aangenomen met dezelfde stemverhouding als het vorige.

 
 
 

Meer informatie

 
Deze website is tot stand gekomen mede dankzij een subsidie van Instituut Gak.