Stemmingen in verband met het wetsvoorstel Wijziging van de Algemene Ouderdomswet, de Wet werk en bijstand, de Wet inkomstenbelasting 2001 en de Wet op de loonbelasting 1964 in verband met stapsgewijze verhoging en koppeling aan de stijging van de levensverwachting van de pensioenleeftijd (Wet verhoging AOW- en pensioenrichtleeftijd) ( 33290 )

Inhoudsopgave

  1. Tekst
  2. Meer informatie

Tekst

Aan de orde zijn de stemmingen in verband met het wetsvoorstel Wijziging van de Algemene Ouderdomswet, de Wet werk en bijstand, de Wet inkomstenbelasting 2001 en de Wet op de loonbelasting 1964 in verband met stapsgewijze verhoging en koppeling aan de stijging van de levensverwachting van de pensioenleeftijd (Wet verhoging AOW- en pensioenrichtleeftijd) ( 33290 ), en over:

  • de motie-Noten c.s. over de introductie van een tijdelijke flexibele AOW (33290, letter H);
  • de motie-Noten c.s. over het laten vervallen van het doorwerkvereiste (33290, letter I);
  • de motie-Noten c.s. over bevordering dat de beëindiging van een arbeidsovereenkomst van rechtswege gelijk zal zijn aan de pensioenrichtleeftijd van 67 jaar (33290, letter J);
  • de motie-Noten c.s. over een zorgvuldige behandeling van het wetsvoorstel in de Eerste Kamer (33290, letter K);
  • de motie-Thissen c.s. over een betere overgangsmaatregel voor mensen met alleen AOW en/of een klein aanvullend pensioen dan wel een klein vermogen (33290, letter L).

In stemming komt het wetsvoorstel.

De voorzitter:

Er is hoofdelijke stemming gevraagd over het wetsvoorstel.

Ik geef gelegenheid tot het afleggen van stemverklaringen vooraf.

De heer Elzinga (SP):

Voorzitter. Wij hebben vanavond een onvoldragen wetsvoorstel verhoging AOW- en pensioenrichtleeftijd besproken met een onbuigzame minister van een demissionair minderheidskabinet. Het maatschappelijk draagvlak ontbreekt en de parlementaire behandeling was ronduit onzorgvuldig. Ik heb betoogd dat het wetsvoorstel onnodig, onverstandig en onwenselijk is. Bovendien is het oneerlijk, onbillijk en onbarmhartig. De SP-fractie zal dan ook overtuigd tegenstemmen.

De heer Thissen (GroenLinks):

Voorzitter. Wij hebben een uitvoerig debat gevoerd met de minister waarin hij niet aan al onze zorgen is tegemoetgekomen over zaken die wij in de uitvoering verbeterd of veranderd zouden willen zien. Maar het wetsvoorstel zoals het voorligt, sluit naadloos aan bij het verkiezingsprogramma van GroenLinks. Uiteindelijk hebben wij dus inhoudelijk geen doorslaggevend bezwaar tegen het voorstel zoals het vannacht voorligt en zullen wij voor het voorstel stemmen.

Vóór stemmen de leden: Hoekstra, Holdijk, Huijbregts-Schiedon, Van Kappen, Kneppers-Heijnert, Knip, Kuiper, Van der Linden, Lokin-Sassen, Van Rey, Schaap, Scholten, Schouwenaar, Strik, Swagerman, Terpstra, Thissen, Vos, Beckers, Van Bijsterveld, De Boer, Van Boxtel, Brinkman, Bröcker, Broekers-Knol, Dupuis, Duthler, Engels, Essers, Ester, Flierman, Franken, Ganzevoort, Fred de Graaf, Thom de Graaf, De Grave en Hermans.

Tegen stemmen de leden: Ter Horst, Klever, Koole, Kox, De Lange, Meurs, Nagel, Noten, Postema, Putters, Quik-Schuijt, Reuten, Reynaers, Ruers, Schrijver, Sent, Slagter-Roukema, Smaling, Sörensen, Van Strien, Vliegenthart, Vlietstra, De Vries, Barth, Beuving, Van Dijk, Elzinga, Faber-van de Klashorst, Frijters-Klijnen, Machiel de Graaf en Marcel de Graaff.

De voorzitter:

Ik constateer dat dit wetsvoorstel met 37 tegen 31 stemmen is aangenomen.

We gaan stemmen over de moties bij dit wetsvoorstel. Ik geef gelegenheid tot het afleggen van stemverklaringen vooraf.

De heer Elzinga (SP):

Voorzitter. Ik heb één motie medeondertekend en mijn fractie zal daarom overtuigd voor die motie stemmen. Het is wel een beetje een vreemde motie, want de regering wordt niet opgeroepen iets te doen of te laten. Het is een vaststelling van iets waarover we vooral zelf gaan en waaraan we zelf iets hadden kunnen doen als we dat hadden gewild.

De overige moties heb ik niet ondertekend. Eigenlijk was er maar een echt relevante motie en dat was het wetsvoorstel zelf. Nu dat is aangenomen zijn de overige moties hooguit doekjes voor het bloeden waar deze minister bovendien weinig mee zal doen. De nieuwe Tweede Kamer is straks eerst aan zet. We zien echter geen reden om tegen doekjes voor het bloeden te stemmen.

De heer Thissen (GroenLinks):

Voorzitter. Ik begin met de motie-Noten over de introductie van een tijdelijke flexibele AOW op stuk letter H. Wij zijn overtuigd door wat de minister daarover gezegd heeft. Het zou het begrotingsakkoord financieel wankeler maken, ook voor de komende jaren. In dat geval vallen wij terug op de motie-Klaver die aan de overzijde is ingediend. We zullen deze motie dus niet steunen.

Ik weet niet of de heer Noten zijn motie over het laten vervallen van het doorwerkvereiste op stuk letter I gaat aanhouden. Als hij dat doet, dan is dat prima. Doet hij dat niet, dan zijn wij voor.

Ik kom bij de motie-Noten c.s. over bevordering dat de beëindiging van een arbeidsovereenkomst van rechtswege gelijk zal zijn aan de pensioenrichtleeftijd van 67 jaar op stuk letter J. Als wij die zo kunnen verstaan dat het tweede deel van de zin een voorbeeld is, dan zijn wij voor.

De motie-Noten c.s. over een zorgvuldige behandeling van het wetsvoorstel in de Eerste Kamer op stuk letter K is inderdaad een oproep aan de Kamer om daar samen eens ordentelijk naar te kijken. Gezien het voorafgaande en onze opstelling daarin, kunnen wij niet anders dan voor deze motie stemmen.

Tot slot mijn eigen motie over een betere overgangsmaatregel voor mensen met alleen AOW en/of een klein aanvullend pensioen dan wel een klein vermogen op stuk letter L. Wij hebben begrepen dat de minister heeft toegezegd dat hij voor die doelgroep gaat onderzoeken of er andere of betere overgangsmaatregelen zijn. Als de minister zijn woord houdt, en wij hebben daar geen twijfels over, dan kunnen we deze motie intrekken, want dan wordt zij overgenomen en wordt geregeld wat wij willen.

De voorzitter:

Aangezien de motie-Thissen c.s. (33290, letter L) is ingetrokken, maakt zij geen onderwerp van behandeling meer uit.

De heer Van Rey (VVD):

Voorzitter. De motie-Noten over de introductie van een tijdelijke flexibele AOW op stuk letter H zullen wij niet steunen omdat dan ook de toename van werkgelegenheid teniet wordt gedaan. Ik verwijs ook naar de opmerking van de heer Thissen over de motie-Klaver, die ook door de VVD is ondertekend en gesteund.

Het onderwerp van de motie-Noten c.s. over het laten vervallen van het doorwerkvereiste op stuk letter I komt bij de behandeling van het Belastingplan 2013 aan de orde.

Voor de motie-Noten c.s. over bevordering dat de beëindiging van een arbeidsovereenkomst van rechtswege gelijk zal zijn aan de pensioenrichtleeftijd van 67 jaar op stuk letter J is ook niet nu aan de orde. Dat zal later apart aan de orde zijn.

Ik sluit af met de motie op stuk letter K over de onwenselijkheid van de behandeling van dit wetsvoorstel. De VVD-fractie heeft de wetsvoorstellen 33046 en dit wetsvoorstel zeer zorgvuldig bestudeerd en behandeld. Snelheid en zorgvuldigheid hebben wij bij beide wetsvoorstellen samen laten gaan. Wij zullen die motie dus niet steunen.

Mevrouw Scholten (D66):

Voorzitter. Hoe sympathiek de motie op letter H over de flexibele AOW ook is, ik verwijs naar de standpunten in de stemverklaringen van de heren Thissen en Van Rey. Het kan op dit moment gewoon even niet.

De motie op letter I over het doorwerkvereiste is op dit moment niet aan de orde en moet bij de behandeling van de belastingwetgeving worden betrokken. Ook hierin volg ik de heer Van Rey.

De motie op letter J over de bevordering dat de beëindiging van een arbeidsovereenkomst van rechtswege gelijk zal zijn aan de pensioenrichtleeftijd van 67 jaar, is een lastige. Mijn fractie stelt zich op het standpunt dat hiervoor het Burgerlijk Wetboek zou moeten worden gewijzigd. Ik vind dat de jurisprudentie hierover zich zal moeten ontwikkelen voordat we hierover een standpunt kunnen innemen.

Dan de motie op letter K over de onwenselijkheid van de behandeling van dit wetsvoorstel. Ik heb bewondering voor eenieders inzet, doorzettingsvermogen en spankracht om vandaag met dit wetsvoorstel de eindstreep te halen. De zorgvuldigheid is groot geweest. Ik denk dat we met z'n allen een grote inspanning hebben geleverd. Daarom zullen wij deze motie niet steunen.

In stemming komt de motie-Noten c.s. (33290, letter H).

De voorzitter:

Ik constateer dat de aanwezige leden van de fracties van de PvdA, de S P, de OSF en 50PLUS voor de motie hebben gestemd en de aanwezige leden van de fracties van de PVV, de VVD, het CDA, de ChristenUnie, de SGP, GroenLinks en D66 ertegen, zodat zij is verworpen.

In stemming komt de motie-Noten c.s. (33290, letter I).

De voorzitter:

Ik constateer dat de aanwezige leden van de fracties van de PVV, de PvdA, GroenLinks, de S P, de OSF en 50PLUS voor de motie hebben gestemd en de aanwezige leden van de fracties van de VVD, het CDA, de ChristenUnie, de SGP en D66 ertegen, zodat zij is aangenomen.

In stemming komt de motie-Noten c.s. (33290, letter J).

De voorzitter:

Ik constateer dat de aanwezige leden van de fracties van de PVV, de PvdA, GroenLinks, de S P, de OSF en 50PLUS voor de motie hebben gestemd en de aanwezige leden van de fracties van de VVD, het CDA, de ChristenUnie, de SGP en D66 ertegen, zodat zij is aangenomen.

In stemming komt de motie-Noten c.s. (33290, letter K).

De voorzitter:

Ik constateer dat de aanwezige leden van de fracties van de PVV, de PvdA, GroenLinks, de S P, de OSF en 50PLUS voor de motie hebben gestemd en de aanwezige leden van de fracties van de VVD, het CDA, de ChristenUnie en D66 ertegen, zodat zij is aangenomen.


 
 
 

Meer informatie

 
Deze website is tot stand gekomen mede dankzij een subsidie van Instituut Gak.