Deze Parlementaire Enquête werd ingesteld voor een onderzoek naar het functioneren van de organen belast met de uitvoering van de sociale verzekeringswetten.

 

Kerngegevens

Ingediend
27 augustus 1992

Volledige titel
Enquête naar het functioneren van de organen belast met de uitvoering van de sociale-verzekeringswetten

 

Uit de memorie van toelichting

De onderzoeksopdracht van de subcommissie Uitvoeringsorganen sociale verzekeringen was in eerste aanleg geformuleerd door een door de vaste Commissie voor sociale zaken en werkgelegenheid en de Commissie voor de rijksuitgaven ingestelde gemeenschappelijke werkgroep. Aanleiding tot het instellen van de werkgroep was het verschijnen van het rapport van de Algemene Rekenkamer eind maart j.l. over de toezichtfunctie van de Sociale Verzekeringsraad (kamerstuk 22555) en het onmiddellijk daarop ingediende voorstel van de leden Linschoten e.a. om een parlementair onderzoek naar de uitvoeringsorganisatie van de sociale verzekeringen in te stellen. De werkgroep Doelman/ Vermeend heeft hoofdzakelijk geïnventariseerd welke onderzoeken, afgesloten of lopend, door de uitvoeringsorganen zelf geëntameerd zijn naar hun rechtmatig en doelmatig functioneren. De werkgroep heeft vervolgens, geconstateerd hebbend dat een volledig en betrouwbaar beeld van dat functioneren niet op basis van die onderzoeken verkregen zou kunnen worden, voorgesteld een subcommissie te belasten met een onderzoek waarin de vraag centraal staat «in welke mate de uitvoeringsorganisatie bijdraagt aan de door de wetgever beoogde doelstellingen en of in de huidige situatie de uitvoeringsorganen een systeem van zelfbewaking ten aanzien van hun functioneren in termen van rechtmatigheid en doelmatigheid hanteren en welke resultaten een dergelijk systeem oplevert». Ook de door de SVr in gang gezette ontwikkeling van een algemeen toezichtssysteem op de uitvoeringsorganisatie zou in het onderzoek betrokken moeten worden. De beide Commissies hebben dit voorstel van de werkgroep overgenomen. De subcommissie zou dit onderzoek vóór 1 december 1992 moeten afsluiten door middel van een rapportage aan de moedercommissies. De subcommissie heeft sinds haar installatie op 21 mei j.l. vele gesprekken gevoerd met wetenschappelijke deskundigen, met ambtenaren van het ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid en de Algemene Rekenkamer en met medewerkers van de Sociale Verzekeringsraad, met (oud)leden van laatstgenoemde instanties en met oud-politici, mede teneinde zich te laten adviseren over de beste operationele vertaling van haar onderzoeksopdracht.

Moties

Bij dit dossier werden in de Tweede Kamer zeven moties ingediend.

Documenten

(35 stuks, sortering omgekeerd chronologisch)   sortering omkeren

2 30 november 1993, stemming(en), Blz. 2317 - 2586     301193 2 16
De stemmingen over zes moties, ingediend bij het debat over het Rapport van de Enquêtecommissie uitvoeringsorganen sociale verzekeringen - Handelingen Tweede Kamer 1993-1994 30 november 1993 orde 16
vergadering: 30 november 1993
 
2 25 november 1993, nr. 24     KST22730N24K2
Gewijzigde motie van het lid Wöltgens C.S. ter vervanging van die gedrukt onder nr. 22
 
2 25 november 1993, motie, nr. 23     KST22730N23K2
Motie van het lid Wöltgens over het verzoek aan de regering dat de Parlementaire Enquêtecommissie Uitvoeringsorganen Sociale Verzekeringen één keer per jaar de Kamer direct dienen te informeren. -
 
2 25 november 1993, motie, nr. 22     KST22730N22K2
Motie van het lid Wöltgens C.S. over dat de uitvoering van de werknemersverzekeringen WW, WAO en ZW in de toekomst niet langer bedrijfstakgewijze moet zijn georganiseerd; -
 
2 25 november 1993, motie, nr. 21     KST22730N21K2
Motie van het lid Bolkestein over dat de vaststelling van de premiehoogte jaarlijks kostendekkend en onafhankelijk van de overheid moet geschieden. -
 
2 25 november 1993, motie, nr. 20     KST22730N20K2
Motie van het lid Van Mierlo C.S. over dat in de uiteindelijke regeling van de uitvoering van de werknemersverzekering ervan wordt uitgegaan dat sociale partners geen verantwoordelijkheid dragen voor dat deel van de uitvoering dat betrekking heeft op het proces van keuring en vaststelling van de mate van arbeidsongeschiktheid. -
 
2 25 november 1993, motie, nr. 19     KST22730N19K2
Motie van de leden Brouwer en Willems verzoekt de regering om regelmatig inzicht te verschaffen in de positie van de zieke werknemers die na het bereiken van de maximale ZW-termijn niet in de WAO instromen. -
 
2 25 november 1993, motie, nr. 18     KST22730N18K2
Motie van het lid Brouwer over dat bij de oprichting van het Gemeenschappelijk Instituut van Bedrijfsverenigingen sprake zal blijven van een ongewenste verstrengeling van belangen. -
 
2 25 november 1993, behandeling, Blz. 2215 - 2308     251193 2 10
De voortzetting van de behandeling van het rapport van de Enquêtecommissie uitvoeringsorganen sociale verzekeringen - Handelingen Tweede Kamer 1993-1994 25 november 1993 orde 10
vergadering: 25 november 1993
 
2 25 november 1993, behandeling, Blz. 2215 - 2308     251193 2 4
De voortzetting van de behandeling van het rapport van de Enquêtecommissie uitvoeringsorganen sociale verzekeringen - Handelingen Tweede Kamer 1993-1994 25 november 1993 orde 4
vergadering: 25 november 1993
 
2 24 november 1993, behandeling, Blz. 2109 - 2316     241193 2 6
De behandeling van het rapport van de Enquêtecommissie uitvoeringsorganen sociale verzekeringen - Handelingen Tweede Kamer 1993-1994 24 november 1993 orde 6
vergadering: 24 november 1993
 
2 23 november 1993, brief, nr. 17     KST22730N17K2
Brief van De Staatssecretaris van Sociale Zaken en Werkgelegenheid
 
2 23 november 1993, stemming(en), Blz. 2045 - 2108     231193 2 3
De stemming over een motie, ingediend bij het debat over de parlementaire enquête uitvoeringsorganen sociale verzekering, te weten de motie-Van der Vlies c.s. over het rapport van de enquêtecommissie - Handelingen Tweede Kamer 1993-1994 23 november 1993 orde 3
vergadering: 23 november 1993
 
2 22 november 1993, brief, nr. 16     KST22730N16K2
Brief van De Staatssecretaris van Sociale Zaken en Werkgelegenheid
 
2 18 november 1993, motie, nr. 15     KST22730N15K2
Motie van het lid Van der Vlies C.S. over dat de parlementaire enquêtecommissie de verkregen opdracht juist heeft uitgevoerd -
 
2 18 november 1993, behandeling, Blz. 2003 - 2034     181193 2 6
De voortzetting van de behandeling van het rapport van de Enquêtecommissie uitvoeringsorganen sociale verzekeringen - Handelingen Tweede Kamer 1993-1994 18 november 1993 orde 6
vergadering: 18 november 1993
 
2 18 november 1993, behandeling, Blz. 2003 - 2034     181193 2 4
De voortzetting van de behandeling van het rapport van de Enquêtecommissie uitvoeringsorganen sociale verzekeringen - Handelingen Tweede Kamer 1993-1994 18 november 1993 orde 4
vergadering: 18 november 1993
 
2 17 november 1993, behandeling, Blz. 1909 - 2044     171193 2 5
De voortzetting van de behandeling van het rapport van de Enquêtecommissie uitvoeringsorganen sociale verzekeringen - Handelingen Tweede Kamer 1993-1994 17 november 1993 orde 5
vergadering: 17 november 1993
 
2 17 november 1993, behandeling, Blz. 1909 - 2044     171193 2 2
De behandeling van het rapport van de Enquêtecommissie uitvoeringsorganen sociale verzekeringen - Handelingen Tweede Kamer 1993-1994 17 november 1993 orde 2
vergadering: 17 november 1993
 
2 15 november 1993, lijst van antwoorden, nr. 14     KST22730N14K2
Lijst van antwoorden
 
2 28 oktober 1993, lijst van antwoorden, nr. 13     KST22730N13K2
Lijst van antwoorden
 
2 13 oktober 1993, verslag, nr. 12     KST22730N12K2
Verslag houdende een lijst van vragen
 
2 13 oktober 1993, verslag, nr. 11     KST22730N11K2
Verslag houdende een lijst van vragen
 
2 7 september 1993, brief, nr. 7     KST22730N7K2
Brief van de enqu?tecommissie
 
2 28 april 1993, behandeling, Blz. 4581 - 4654     280493 2 3
De behandeling van de brief van het Presidium ten geleide van de raming van de kosten van de parlementaire enquête uitvoeringsorganen sociale verzekeringen - Handelingen Tweede Kamer 1992-1993 28 april 1993 orde 3
vergadering: 28 april 1993
 
2 22 april 1993, brief, nr. 6     KST22730N6K2
Brief van het presidium
 
2 4 maart 1993, brief, nr. 5     KST22730N5K2
Brief van de enquêtecommissie
 
2 1 september 1992, nota van verbetering, nr. 3     KST22730N3K2
Nota van verbetering
 
2 1 september 1992, behandeling, Blz. 6165 - 6224     010992 2 9
De behandeling van het Voorstel tot het instellen van een enquête naar het functioneren van de organen belast met de uitvoering van de sociale verzekeringswetten - Handelingen Tweede Kamer 1991-1992 01 september 1992 orde 9
vergadering: 1 september 1992
 
2 27 augustus 1992, nr. 1     KST22730N1K2
Voorstel tot het instellen van een enquête
 
2 1 januari 1992, bijlage(n), nr. 10     KST22730N10K2
Bijlagen
 
2 1 januari 1992, verhoren, nr. 9     KST22730N9K2
Verhoren
 
2 1 januari 1992, amendement; gewijzigd amendement; inhoudsopgave; beslissing, nr. 8     KST22730N8K2
Rapport van de commissie
 
2 1 januari 1991, nr. 4     KST22730N4K2
Tekst van het in de staatscourant te plaatsen besluit van de kamer tot het instellen van een enquête
 
2 1 januari 1991, memorie van toelichting, nr. 2     KST22730N2K2
Memorie van toelichting
 

Disclaimer

Dit dossier is automatisch samengesteld en wordt zo nodig iedere 1 à 2 uur geactualiseerd. Aan de technische programmering is veel zorg besteed. Een garantie op de juistheid van de gebruikte bronnen en het samengestelde resultaat kan echter niet worden gegeven.
Deze website is tot stand gekomen mede dankzij een subsidie van Instituut Gak.