Oorspronkelijke tekst van het voorstel van wet en de memorie van toelichting zoals voorgelegd aan de raad van state en voor zover nadien gewijzigd - De aanpassing van de uitvoeringsorganisatie sociale verzekeringen

Inhoudsopgave

  1. Tekst
  2. Meer informatie

Tekst

HOOFDSTUK VIII. GOEDKEURING, SCHORSING EN VERNIETIGING

Artikel 108

  • Een besluit dat goedkeuring behoeft ingevolge een wet die wordt uitgevoerd door het College, de Bank, het Gemeenschappelijk instituut van bedrijfsverenigingen, een bedrijfsvereniging of een uitvoeringsinstelling, treedt niet eerder in werking dan met ingang van de dag, volgende op de dag waarop de goedkeuring is verleend. 2. Een besluit als bedoeld in het eerste lid, kan slechts gedeeltelijk worden goedgekeurd, indien gedeeltelijke inwerkingtreding strookt met de aard en inhoud van het besluit. 3. Goedkeuring die is vereist op grond van een wet als bedoeld in het eerste lid, kan noch voor bepaalde tijd of onder voorwaarden worden verleend, noch worden ingetrokken. 4. Tenzij in de wet anders is bepaald, kan goedkeuring die is vereist op grond van een wet als bedoeld in het eerste lid, slechts worden onthouden indien het besluit

dat aan het goedkeuringsvereiste is onderworpen, in strijd is met het recht of niet voldoet aan eisen van doelmatigheid. 5. Een besluit houdende de onthouding van goedkeuring, wordt met redenen omkleed.

Artikel 109

  • Een besluit van het College, de Bank, het Gemeenschappelijk instituut van bedrijfsverenigingen, een bedrijfsvereniging of een uitvoeringsinstelling kan wegens strijd met het recht of het algemeen belang bij met redenen omkleed koninklijk besluit worden geschorst of vernietigd. Een besluit tot schorsing of vernietiging dan wel tot opheffing van een schorsing, wordt in de Staatscourant bekend gemaakt. 2. Een besluit als bedoeld in het eerste lid, kan slechts gedeeltelijk worden geschorst of vernietigd, indien gedeeltelijk instandhouding van het besluit strookt met de aard en inhoud van het besluit. 3. In geval van schorsing wordt de duur daarvan bepaald, die niet langer kan zijn dan zes maanden. Indien de aan de schorsing verbonden termijn verstrijkt zonder dat een besluit tot vernietiging of tot opheffing van de schorsing is genomen, verkrijgt het besluit slechts rechtskracht over de periode van de schorsing indien het bevoegde lichaam daartoe uitdrukkelijk besluit. 4. In een koninklijk besluit tot schorsing of vernietiging of tot opheffing van een schorsing worden de gevolgen van de schorsing, de vernietiging of de opheffing van de schorsing geregeld. 5. Besluiten ten aanzien waarvan een besluit tot schorsing werd genomen, kunnen niet meer worden geschorst of vernietigd indien de schorsing is opgeheven dan wel indien de aan de schorsing verbonden termijn is verlopen zonder dat binnen die termijn een besluit tot vernietiging is genomen.

Artikel 110

Indien een geschorst of een vernietigd besluit reeds op enigerlei wijze door het bevoegde lichaam was bekend gemaakt, maakt het op gelijke wijze het besluit tot schorsing, tot vernietiging of tot het geheel of gedeeltelijk opheffen of vervallen van de schorsing bekend.

-De artikelen 111 tot en met 116 zijn vernummerd tot de artikelen 108 tot en met 113.

-Artikel 117 is vernummerd tot artikel 114 en het eerste lid van dit artikel is als volgt gewijzigd. De zinssnede «Een bedrijfsvereniging kan ... die de bedrijfsvereniging uitvoert» is vervangen door «Bij algemene maatregel van bestuur kunnen, zo nodig in afwijking van deze wet, tijdelijke voorzieningen worden getroffen waarmee wordt bevorderd dat zo min mogelijk een beroep behoeft te worden gedaan op wetten die de bedrijfsvereniging uitvoert.»

-Artikel 118 is vernummerd tot artikel 115. Tevens is in het eerste lid van dit artikel voor het woord «voorzieningen» het woord «tijdelijke» toegevoegd. Het derde lid is vervallen. Dit luidde: 3. Voorzieningen als bedoeld in het tweede lid worden niet getroffen dan nadat het College in de gelegenheid is gesteld hierover advies uit te brengen.

-De artikelen 119 tot en met 121 zijn vernummerd tot de artikelen 116 tot en met 118.

II. MEMORIEVAN TOELICHTING z 1 Knelpunten in de huidige OSV

-In de derde almea, laatste zin is het woord «zuiver» vervangen door «onafhankelijke».

-Na de vijfde alinea is een alinea toegevoegd. Deze alinea begint met: Wellicht ten overvloede wil ik hier tevens ...» en eindigt met «... In de sfeer van de sociale zekerheid».

1.2 De adviesaanvrage van 8 september 1989 en de naar aanleiding daarvan uitgebrachte adviezen -In de eerste alinea is de «Raad voor de Persoonsregistratie» vervangen door de «Voorlopige Raad voor de persoonsinformatievoorziening.»

1.3 Recente ontwikkelingen

-In de derde alinea is de zin «Beide wetsvoorstellen zijn thans bij de Tweede Kamer in behandeling» vervangen door «Beide wetsvoorstellen zijn nu bij de Tweede respectievelijk de Eerste Kamer in behandeling».

-In de zin «Bij de behandeling van het wetsvoorstel EG-kaderrichtlijn voor veiligheid en gezondheid» is de zinsnede «per 1 januari 1993» vervallen.

1.4 Hoofdlijnen van het wetsvoorstel

-Aan de één na laatste alinea is de zin toegevoegd luidende: «In het kade' 'an dit afzonderlijke wetovoorstel zal worden ingegaan op temporele aspecten van de invoering van dit wetgevingsproject».

2.1.2.2. Informatievoorziening en onderzoek -Deze paragraaf is geheel herschreven. De oorspronkelijke tekst luidde:

«Bij het uitvoeren van publieke taken is het van belang, dat de informatievoorziening op doelmatige wijze is ingericht. De Verzekerdenadministratie (VZA) levert daartoe een bijdrage. Het ligt voor de hand het Ctsv een coördinerende rol te geven op het terrein van de informatievoorziening Ten behoeve van het toezicht en het opstellen van uitvoeringseffectenrapportages dient het Ctsv immers te beschikken over een verscheidenheid van gegevens.

De centrale taak van het Ctsv op het terrein van de informatievoorziening is in de eerste plaats, te zorgen dat beleidsinformatie beschikbaar is. Voorts draagt het Ctsv zorg voor de coördinatie van de verschillende informatiestromen. Daarnaast is het College belast met het toezicht op de inrichting van de administraties bij de uitvoeringsinstanties om de informatievoorziening binnen de sector en in relatie tot andere sectoren van overheidszorg doeltreffend en doelmatig te laten zijn. De uitvoeringsinstanties dragen zelf zorg voor het verzamelen en beheren van hun uitvoeringsinformatie. De rol van het Ctsv is enerzijds toezichthouden op de wijze waarop deze informatie wordt verzameld en beheerd en anderzijds het coördineren van de diverse informatiestromen. Dit betreft met name de informatiestromen die niet 20 zeer ten behoeve van de uitvoering op gang worden gebracht maar ten behoeve van onderzoek en beleidsvraagstukken. Door zijn coördinerende rol is het Ctsv het aanspreekpunt voor het verkrijgen van beleidsinformatie. Dit hoeft niet te betekenen dat het Ctsv al deze informatie bezit maar wel dat het Ctsv toegang heeft tot die informatie. In dit wetsvoorstel wordt de centrale taak van het Ctsv op het terrein van de beleidsinformatie nader geregeld in afdeling 2 paragraaf 3 van hoofdstuk II.

Behoefte aan (beleids)informatie op het gebied van de sociale zekerheid bestaat er bij de rijksoverheid, het parlement, SER en Ctsv. Daarnaast bestaat behoefte aan beleidsinformatie bij het Gib, de bedrijfsverenigingen en de Svb. Ook maatschappelijke organisaties als werkgevers-en werknemersorganisaties kunnen behoefte hebben aan beleidsinformatie op het terrein van de sociale zekerheid. De verstrekkers van de primaire informatie zijn de uitvoeringsinstanties. De gegevens van de verschillende uitvoeringsinstanties zullen vergelijkbaar moeten worden gemaakt. Met de totstandkoming van de VZA is reeds een belangrijke mate van standaardisering en normalisering gerealiseerd. Dit betekent echter nog niet dat er ten aanzien van alle gegevens die uit de uitvoering voortkomen zonder meer sprake is van standaardisering en normalisering. De gegevens uit de uitvoering moeten bovendien kunnen worden aangevuld met enquêtegegevens. Tevens moeten longitudinale gegevensstromen kunnen worden geconstrueerd, dat wil zeggen volgtijdelijke gegevens van bepaalde groepen van verzekerden en uitkeringsgerechtigden. Bij de aanvulling met enquêtegegevens en constructie van longitudinale gegevensstromen kan gesproken worden van verrijking van de gegevens.

De veelheid van participanten, zowel aan de vraagals aan de aanbodzijde, de noodzaak tot het vergelijkbaar maken van gegevens en de wenselijkheid gegevens te verrijken zijn evenzovele factoren die pleiten voor een gecentraliseerde informatiefunctie die als zelfstandige taak aan het Ctsv moet worden opgedragen.

Onderzoek Het Ctsv, de bank, het Gib en de bedrijfsverenigingen hebben vanuit de onderscheiden taken verschillend gerichte onderzoekbehoeften. Het ligt dan ook voor de hand, dat elke organisatie beschikt over eigen onderzoekcapaciteit. Het gevaar van overlappingen dient te worden voorkomen waarbij het Ctsv een centrale rol kan vervullen. De opdracht aan het Ctsv om op dit punt coördinerend voor de sociale verzekeringen op te treden is in het wetsvoorstel neergelegd. Daarbij dient onder meer goede afstemming plaats te vinden met de Commissie Onderzoek Sociale Zekerheid (COSZ) die onderzoek coördineert en programmeert binnen de sociale zekerheid als geheel.»

2.1.3. Instrumenten

-In de alinea na het tweede aandachtsstreepje is het woord «uitvoeringsorganen» vervangen door «uitvoeringsinstanties».

2.3 Gib

-In de vierde alinea is in de eerste zin «... het... orgaan ...» vervangen door «... de ... instantie ...» -In de derde zin van deze alinea is tussen «coördinerende» en «en» het woord «taken» ingevoegd.

3.1. Algemeen

-In de vierde zin van de eerste alinea is de zinsnede «... inmiddels aan de Tweede Kamer aangeboden.» vervangen door «... inmiddels bij de Tweede respectievelijk de Eerste Kamer aangeboden».

3.2 Verantwoordelijkheden en taken

-In de eerste alinea is de derde zin luidende «Er is sprake van twee gescheiden verantwoordelijkheden» vervallen en vervangen door de passage «... Hoewel er sprake is ... van de ZW en de AAW/WAO».

3.4 Arbeidsbemiddeling

-In de zevende alinea is de zin «Op basis van voorgenomen ... kunnen worden ingevoerd» vervallen en vervangen door de passage «Thans hebben CBA en FBV gezamenlijk ... is voorzien in voorjaar 1994.» De laatste zin van deze alinea is als volgt gewijzigd. Vóór «samenwerkingsafspraken is ingevoegd «regionale experimenten en de». De zinssnede «en experimenten» is vervallen. De zinssnede «eventueel vanaf 1994» is vervangen door «zo mogelijk vanaf 1995».

-In de achtste alinea is de passage «Het lijkt mij nog te vroeg ... omvang van de extra kosten» vervangen door «De bevindingen uit de eerder....financiering van de extra kosten». Tevens is in deze alinea de zinssnede «wanneer de toepassing van de Kaderregeling is geflexibiliseerd» vervallen. -De passage «Wanneer de Arbeidsvoorzieningsorganisatie ..gedeeltehjk arbeidsonge schikten» is vervangen door «Het is de bedoeling dat gedeeltehjk arbeidsongeschikten».

4.1 De plaats van het toezicht

-In de vierde alinea is na «...vermenging van belangen.» de passage «Via de in dit wetsvoorstel opgenomen invulling...en in wetgeving neergelegd beleid» toegevoegd.

4.3.4 Resultaten toezicht

-In de derde zin van de eerste alinea is «elk uitvoeringsorgaan» vervangen door «elke uitvoeringsinstantie».

5.1 Beheersing van de uitvoeringskosten -In de eerste alinea is na de passage «...autonoom kunnen ontwikkelen», een aantal alinea's met tabellen (5.1 tot en met 5.4) toegevoegd. De toegevoegde tekst begint met «Dit kan worden geïllustreerd met» en eindigt met «...uitvoeringskosten beter vorm kan worden gegeven.» -In de eerste zin van de tweede alinea is voor het woord «uitkomsten» het woord «volledige» toegevoegd.

6.2 Beleidsruimte in de regio

-In de vierde alinea is na de zinsnede «...als de bedrijfsverenigingen.» de zin «Een voortvarende opstelling...van groot belang geacht». toegevoegd.

In de daaropvolgende zin is het woord «mogelijk» vervallen en vervangen door «vooralsnog wenselijk». In de daaropvolgende zin is «overigens ook» vervallen.

6.3 Experimenten

-In de eerste alinea is de zin «De bepaling maakt het... afgeweken van de wet», vervangen door de zin «De bepaling maakt het mogelijk dat...afgeweken van de OSV.» In de laatste zin van deze paragraaf is de zinsnede «...en kan pas van start gaan na goedkeuring van de minister», vervallen.

Hoofdstuk 8. Rechtsbescherming en deregulering

-In hoofdstuk 8 is de afkorting «AWB» vervangen door «Awb» en de afkorting «AROB» door «Arob».

8.1 Rechtsbescherming

-De eerste zin van de eerste alinea is in drie zinnen gedeeld. Tevens is in de eerste alinea de verwijzing «(Kamerstukken II, 1991-92, 21221, nr. 174)» vervallen. In de laatste zin van deze alinea is de zinsnede «en in hoeveel instanties» vervallen.

-In de tweede alinea is de zin «Wel is beroep...(art. gew. toel. bij 8.1.1.1)» vervallen. Ook is in deze alinea in de zin «Waar de wet beroep...de Afdeling Bestuursrechtspraak.» na «rechtbank» de passage «in eerste aanleg» toegevoegd en na «en» de passage «in hoger beroep bij de Centrale Raad van Beroep of». In de laatste zin van deze alinea is het woord «gevallen» geschrapt.

-In de eerste zin van de derde alinea is de zinsnede «Een belangrijke...is dat» vervallen. In de laatste zin van deze alinea is na «...rechtbank en» toegevoegd

«hoger beroep bij».

-In de eerste zin van de vierde alinea is na het woord «waaraan» toegevoegd «de bevoegdheid tot het nemen van». Het eerste deel van de tweede zin van deze alinea is vervallen en vervangen door «Hierna zal op een aantal specifieke besluiten worden ingegaan».

-In de zesde alinea is de zin «Dat is wel mogelijk in geval van weigering van goedkeuring.» vervallen. -In de achtste alinea is in de tweede zin «administratieve kamer van» vervallen. Na het woord «en» is toegevoegd «in hoger beroep bij». In de daarop volgende zin is «8/11/1/AWB» vervangen door «8.1.1.2 Awb». Voor «burgerlijke rechter» is toegevoegd «tussenkomst van».

-In de elfde alinea is in de zin «lndelingskwesties,...eigen karakter» het woord «echter» vervallen.

In de zin «Ik meen dat...weken verdaging)» is «beroepstermijn» vervangen door «termijn» en «6.4.15» door «7:10». Tevens is «16» vervangen door «6 of 10» en «8» door «4». In de volgende zin is CRvB voluit geschreven en «6.3. 1a» vervangen door «7:1». De zin «Deze overwegingen leiden ertoe Centrale Raad van Beroep» is vervangen door de zin «Deze overwegingen leiden ertoe...in te stellen bij de Centrale Raad van Beroep.» Deze laatste twee zinnen van deze alinea zijn vervallen.

-In de twaalfde alinea is de passage «Daarbij is echter...Beroep te creëeren» vervallen en vervangen door de passage «Het is van groot belang...Beroep voorgesteld».

Artikelsgewijze toelichting

HOOFDSTUK II. HET COLLEGE VAN TOEZICHT SOCIALE VERZEKERINGEN Afdeling 1 Samenstelling van het bestuur en werkwijze

-Na de toelichting op artikel twee is een toelichting op artikel 3 toegevoegd. -De toelichting op artikel 10 is vervallen en vervangen door een nieuwe tekst. De oorspronkelijke tekst luidde:

Artikel 10

De Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid draagt verantwoordelijkheid voor de wijze waarop hij zijn bevoegdheden ten aanzien van de uitvoeringsinstanties uitoefent. Om deze verantwoordelijkheid te kunnen dragen moet de minister ruimschoots informatie van de uitvoeringsinstanties kunnen verkrijgen. Daarbij is van belang dat hij deze informatie rechtstreeks van de betrokken rechtspersonen kan verkrijgen. Artikel 10 geeft hem deze mogelijkheid. Te verwachten valt dat de minister van zijn in artikel 10 neergelegde bevoegdheden een zeer terughoudend gebruik zal maken. De toezichthoudende taak en de informatievoorzieningstaak zijn immers aan het College toegekend. In dit wetsvoorstel wordt uitgegaan van de «singleaudit» gedachte. Dit impliceert dat zoveel mogelijk gebruik wordt gemaakt van de toezichtsresultaten van voorliggende instanties. Echter ook bij «singel audit» moet de mogelijkheid blijven bestaan, bijvoorbeeld voor de departementale accountantsdienst, om inzage in alle stukken te verkrijgen. Voor het College bestaat op grond van artikel 13 eenzelfde mogelijkheid ten aanzien van de Bank, het Gemeenschappelijk instituut van bedrijfsverenigingen, de bedrijfsverenigingen en de uitvoeringsinstellingen. In artikel 10, eerste lid, is geregeld dat het College, de Bank, het Gemeenschappelijk instituut van bedrijfsverenigingen, de bedrijfsverenigingen en de uitvoeringsinstellingen op verzoek aan de Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid alle door deze minister gevraagde gegevens en inlichtingen moeten verstrekken. De minister kan bij zijn verzoek eisen stellen, bijvoorbeeld betreffende de mate van specificatie en de kwaliteit van de gegevens en inlichtingen. Dit betekent dat genoemde rechtspersonen verplicht zijn tot bewerking van gegevens indien zij slechts door middel van die bewerking aan de door de minister gestelde eisen kunnen voldoen.

De structurele verstrekking van informatie door het College aan de minister is geregeld in § 3 van hoofdstuk II. Daarnaast heeft artikel 10 slechts betekenis voor uitzonderlijke gevallen.»

-De laatste alinea van de toelichting op artikel 11 is vervallen en vervangen door een nieuwe tekst.

-In de toelichting op artikel 12 is in de tweede zin «Deze taken» vervangen door «De toezichtstaak» In de laatste zin is «Comptabiliteitswet 1976» vervangen door «Comptabiliteitswet».

Tevens is aan de toelichting op dit artikel de oorspronkelijke toelichting op de artikelen 21 tot en met 24 toegevoegd. -De toelichting op artikel 16 is vervallen. -De toelichting op artikel 25 is vervallen. -De toelichting op artikel 72 is vervallen en vervangen door een nieuwe tekst De oorspronkelijke tekst luidde «Voor een toelichting op dit artikel zij verwezen naar de toelichting op artikel 1 met betrekking tot het begrip «overheidspensioenlichamen» en naar hoofdstuk 4 van het Algemeen deel van deze memorie van toelichting.

-In de toelichting op artikel 90 is de passage «Wat betreft het begrip belanghebbende...te geven», toegevoegd. -In de toelichting op artikel 93 is de zln «Voor een schematische weergave van de in dit hoofdstuk genoemde termijnen verwijs ik naar bijlage 3» toegevoegd.

-In de toelichting op artikel 95 is de passage «Artikel 91, derde lid wijkt af...de bepaling van de AWR» toegevoegd. -In de toelichting op artikel 106 is een alinea toegevoegd die begint met «Hierbij speelt de toetsing» en eindigt met «..aan zorgvuldigheidseisen voldoen».

 
 
 

Meer informatie

 
Deze website is tot stand gekomen mede dankzij een subsidie van Instituut Gak.