Motie van het lid Jansen C.S. - Nota over het te voeren beleid ter zake van de collectieve voorzieningen en de werkgelegenheid

Inhoudsopgave

  1. Tekst
  2. Meer informatie

Tekst

Nr. 13

MOTIE VAN HET LID JANSEN CS. Voorgesteld 22 juni 1976

De Kamer,

gehoord de beraadslaging over de Nota over het te voeren beleid ter zake van de collectieve voorzieningen en de werkgelegenheid;

overwegende, dat in een selectief economisch structuurbeleid de facetten milieu, ruimtelijke ordening, zuinig grondstoffen-en energiebeheer en betere kansen voor de ontwikkelingslanden tot hun recht moeten komen;

van oordeel, dat een dergelijk beleid het aannemelijk maakt, dat bij de bevordering van de werkgelegenheid in de markteconomie meer gebruik gemaakt wordt van het instrument loonkostensubsidie dan van het instrument stimulering bedrijfsinvesteringen;

voorts van oordeel, dat bij de beoordeling van de invloed van het gebruik van instrumenten op de werkgelegenheid niet alleen het beslag of financieringsruimte, maar tevens het effect op de betalingsbalans betrokken dient te worden; nodigt de Regering uit om bij de stimulering van bedrijvigheid de verhouding tussen de beschikbare middelen voor de loonkostensubsidie en voor de stimulering van bedrijfsinvesteringen tenminste te leggen op 70 staat tot 30, en gaat over tot de orde van de dag.

Jansen De Gaaij Fortman Van der Heem-Wagemakers Van Kuijen Van Winkel Tweede Kamer, zitting 1975-1976, 13951, nr. 13

 
 
 

Meer informatie

 
Deze website is tot stand gekomen mede dankzij een subsidie van Instituut Gak.