Verslag - Overgangsregeling voor het recht op kinderbijslag voor invalide kinderen van 18 tot 27 jaar

Inhoudsopgave

  1. Tekst
  2. Meer informatie

Tekst

Nr.5

' Samenstelling: Bakker (CPNI, Nypels (D'66), Hermsen (CDA), voorzitter. Dolman (PvdA), Beumer (CDA) (plv. lid), Van der Gun (CDA), Van Dis (SGP), Van Dam (CDA), Keja (VVD), Van Zeil (CDA), Poppe (PvdA), ondervoorzitter, Jansen (PPR), Hartmeijer (PvdA), Van der Doef (PvdA), Weijers (CDA), Meijer (PvdA), Knol (PvdA), Nijpels (VVD), De Hamer (PvdA), Moor (PvdA), De Voogd (VVD), De Korte (VVD), Gerritse (CDA).

VERSLAG Vastgesteld, 21 december 1978

De vaste Commissie voor Sociale Zaken heeft de eer als volgt verslag uit te brengen over de in haar midden nopens dit wetsontwerp gemaakte opmerkingen en gestelde vragen.

De leden van de C.D.A.-fractie zeiden met genoegen te hebben kennis genomen van het onderhavige wetsontwerp. Zij herinnerden eraan dat zij bij de begrotingsbehandeling voor het dienstjaar 1978 aan de hand van een schrijven van de Stichting Nederlands Centrum Buitenlanders aandacht hadden gevraagd voor het vraagstuk van de invalide buitenlandse kinderen. Uiteraard beperkt het wetsontwerp, zo zeiden deze leden, het recht op kinderbijslag tot invalide kinderen die reeds zulk een recht hadden voor 1 oktober 1976 en geen aanspraak kunnen doen gelden op een arbeidsongeschiktheidsuitkering in het land waarin zij verblijven. Wat dat laatste betreft zouden deze leden willen vernemen hoe een en ander zal worden nagegaan. Zal men zich daarbij beperken tot de landen genoemd in de bijlagen? Voorts zouden deze leden willen vernemen of al verdere informatie ter beschikking is over het aantal kinderen waarop het wetsontwerp betrekking heeft en hun land van verblijf. Daarnaast zouden zij gaarne toegelicht zien waarom vanwege het feit dat het «uitsluitend of nagenoeg uitsluitend gaat om kinderen van werknemers» is afgezien van een overgangsregeling in de sfeer van de kinderaftrek. Ten slotte stelden deze leden een reactie van de Staatssecretaris op prijs ter zake de in bijlage V onder het kopje «onbedoelde voordelen» vervatte problematiek van kinderen verblijvend in een AWBZ-inrichting.

Onder het voorbehoud dat de regering op deze vragen en opmerkingen zal hebben geantwoord acht de commissie de openbare behandeling van dit wetsontwerp hiermee voldoende voorbereid.

De voorzitter van de commissie, Hermsen De griffier van de commissie. Eikerbout

Tweede Kamer, zitting 1978-1979, 15355, nr.5

 
 
 

Meer informatie

 
Deze website is tot stand gekomen mede dankzij een subsidie van Instituut Gak.