De stemmingen over acht moties, ingediend in de UCV van 5 maart jl. over het echteminimabeleid, te weten de motie-Beckers-de Bruijn over de koopkracht van de minima - Handelingen Tweede Kamer 1983-1984 03 april 1984 orde 3

Inhoudsopgave

  1. Tekst
  2. Meer informatie

Tekst

Aan de orde zijn de stemmingen over acht moties, ingediend in de UCV van 5 maart jl. over het echteminimabeleid, te weten: -de motie-Beckers-de Bruijn over de koopkracht van de minima (18192, nr. 5); -de motie-Buurmeijer c.s. over de eenmalige uitkering 1983 (18192, nr. 6); -de motie-Willems over de inkomenspositie van studerenden, dienstplichtigen en dienstweigeraars (18192, nr. 7); -de motie-De Korte over het aanpassen naar boven van het beschikbare budget voor 1985 voor de 'echte' minimumvoorziening (18192, nr. 8); -de motie-Buurmeijer/Groenman over het voorkomen van ongewenste koopkrachtdaling (18192, nr. 9); -de motie-Buurmeijer over de huishoudens met kinderen (18192, nr. 10); -de motie-Kraaijeveld-Wouters c.s. over de nevenverdiensten in de zin van de ABW (18192, nr. 11); -de motie-Brouwer c.s. over afzien van het voorgenomen bezuinigingspakket in de sociale zekerheid (18192, nr. 12).

©

De Voorzitter: Het is mij gebleken, dat deze moties voldoende worden ondersteund. Mevrouw Brouwer heeft mij verzocht de beraadslaging te openen. Ik stel voor, aan dit verzoek te voldoen. Daartoe wordt besloten.

©

Mevrouw Brouwer (CPN): Mijnheer de Voorzitter! Ik zou de in dit verband ingediende motie op stuk nr. 12 willen aanhouden. Het heeft thans weinig zin, deze motie in stemming te brengen.

©

De Voorzitter: Op verzoek van mevrouw Brouwer stel ik voor, haar motie (18192, nr. 12) van de agenda af te voeren. Daartoe wordt besloten.

De beraadslaging wordt gesloten. In stemming komt de motie-Beckers-de Bruijn (18192, nr. 5).

De Voorzitter: Ik constateer, dat de aan wezige leden van de fracties van de PPR, de CPN, de PSP en de EVP voor deze motie hebben gestemd en die van de overige fracties ertegen, zodat zij is verworpen. In stemming komt de motie-Buurmeijerc.s. (18192, nr. 6).

De Voorzitter: Ik constateer, dat deze motie met algemene stemmen is aangenomen. In stemming komt co motie-Willems (18192, nr. 7).

De Voorzitter: Ik constateer, dat de aanwezige leden van de fracties van het CDA, de VVD, D'66, de SGP, de RPF en het GPV tegen deze motie hebben gestemd en die van de overige fracties ervoor, zodat zij is verworpen.

In stemming komt de motie-De Korte (18192, nr. 8).

De Voorzitter: Ik constateer, dat de aanwezige leden van de fractie van de PSP tegen deze motie hebben gestemd en die van de overige fracties ervoor, zodat zij is aangenomen. In stemming komt de motie-Buurmeijer/Groenman (18192, nr. 9).

De Voorzitter: Ik constateer, dat de aanwezige leden van de fracties van het CDA, de VVD en de SGP tegen deze motie hebben gestemd en die van de overige fracties ervoor, zodat zij is verworpen.

In stemming komt de motie-Buurmeijer(18192, nr. 10).

De Voorzitter: Ik constateer, dat de aanwezige leden van de fracties van de PvdA, de CPN, de PPR, de PSP, de EVP en de groep Scholten/Dijkman voor deze motie hebben gestemd en die van de overige fracties ertegen zodat zij is verworpen. In stemming komt de motie-Kraaijeveld-Wouters c.s. (18192, nr. 11).

De Voorzitter: Ik constateer, dat deze motie met algemene stemmen is aangenomen.

Ik stel voor, de stukken nr. 18192 voor kennisgeving aan te nemen. Daartoe wordt besloten.

©

De heer Willems (PSP): Mijnheer de Voorzitter! Mag ik de regering in de persoon van de staatssecretaris vragen, of hij de Kamer wil berichten op welke wijze hij de nu met algemene Regeling van werkzaamheden Echteminimabeleid Woonlastenproblematiek/huurbeleid Culturele minderheden stemmen aangenomen moties op de stukken nrs. 6 en 11 zal uitvoeren?

©

Staatssecretaris De Graaf: Mijnheer de Voorzitter! Ik wil de Kamer graag daarover berichten. Met name één van de moties vergt op korte termijn een extra uitgave. Dit moet uiteraard via de ministerraad lopen. Daar kan ik dus niet op vooruitlopen, maar zodra dat is afgerond, zal ik de Kamer informeren.

©

De heer Willems (PSP): Mijnheer de Voorzitter! Mag ik uit deze opmerking begrijpen dat de staatssecretaris erkent dat het om een urgente, zeer acute problematiek gaat en dat er dus ook heel snel duidelijkheid moet komen?

©

Staatssecretaris De Graaf: Mijnheer de Voorzitter! Ik erken met name dat de zaak die in de motie op stuk nr. 6 wordt genoemd, een urgente zaak is, omdat dat met terugwerkende kracht is. De andere moties hebben betrekking op 1985 of op de invulling van de maatregelen in 1984. Met name de eerste motie vergt van mij enige bezinning en overleg met het kabinet, maar ik zal de Kamer zo spoedig mogelijk bericht doen toekomen.

 
 
 

Meer informatie

 
Deze website is tot stand gekomen mede dankzij een subsidie van Instituut Gak.