De stemmingen in verband met het wetsvoorstel Nadere wijziging van de Algemene Ouderdomswet, de Algemene Weduwen-en Wezenwet en de Algemene Wet Bijzondere Ziektekosten (Invoering gelijke behandeling v... - Handelingen Tweede Kamer 1984-1985 08 november 1984 orde 10

Inhoudsopgave

  1. Tekst
  2. Meer informatie

Tekst

Aan de orde zijn de stemmingen in verband met het wetsvoorstel Nadere wijziging van de Algemene Ouderdomswet, de Algemene Weduwen-en Wezenwet en de Algemene Wet Bijzondere Ziektekosten (Invoering gelijke behandeling van mannen en vrouwen op het terrein van de premieheffing ingevolge de volksverzekering) (18625) en over: -de motie-Groenman over extra financiële ruimte voor de gelijkberechtiging in de sociale zekerheid (18625, nr. 12).

©

De Voorzitter: Ik geef het woord aan mevrouw Brouwer, die het heeft gevraagd.

Mevrouw Brouwer (CPN): Ik wil graag dat er allereerst gestemd wordt over de motie-Groenman op stuk nr. 12.

De Voorzitter: Ik stel voor, aan dit verzoek te voldoen. Daartoe wordt besloten. Instemming komt de motie-Groenman (18625, nr. 12).

De Voorzitter: Ik constateer, dat de aanwezige leden van de fracties van D'66, de CPN, de PPR en de PSP voor deze motie hebben gestemd en die van de overige fracties ertegen, zodat zij is verworpen. In stemming komt het wetsvoorstel. Het begin van artikel I en de onderdelen A t/m E worden zonder stemming aangenomen.

De Voorzitter: De aanwezige leden van de fractie van de RPF wordt aantekening verleend, dat zij geacht wensen te worden tegen deze onderdelen te hebben gestemd. In stemming komt het amendement-Groenman (stuk nr. 11,1).

De Voorzitter: Ik constateer, dat de aanwezige leden van de fracties van D'66, de CPN, de PPR en de PSP voor dit amendement hebben gestemd en die van de overige fracties ertegen, zodat het is verworpen.

Ik stel vast, dat door de verwerping van dit amendement het andere op stuk nr. 11 voorkomende amendement als verworpen kan worden beschouwd. Onderdeel F wordt zonder stemming aangenomen. De onderdelen G t/m I worden zonder stemming aangenomen. Artikel I wordt zonder stemming aangenomen. De artikelen II en III worden zonder stemming aangenomen. In stemming komt het amendement-Schutte (stuk nr. 13).

De Voorzitter: Ik constateer, dat de aanwezige leden van de fracties van het GPV, de RPF, de SGP, D'66 en de VVD voor dit amendement hebben gestemd en die van de overige fracties ertegen, zodat het is verworpen. Artikel IV wordt zonder stemming aangenomen.

De Voorzitter: De aanwezige leden van de fractie van de VVD wordt aantekening verleend, dat zij geacht wensen te worden tegen dit artikel te hebben gestemd. In stemming komt het gewijzigde amendement-Ter Veld (stuk nr. 15) tot invoeging van een nieuw artikel V.

De Voorzitter: Ik constateer, dat het lid Janmaat tegen dit gewijzigde amendement heeft gestemd en de aanwezige leden van de overige fracties ervoor, zodat het is aangenomen. In stemming komt het amendement-Linschoten/Hermsen (stuk nr. 10), eveneens tot invoeging van een nieuw artikel V.

De Voorzitter: Ik constateer, dat de aanwezige leden van de fractie van de PSP tegen dit amendement hebben gestemd en die van de overige fracties ervoor, zodat het is aangenomen.

Artikel V (oud) en de beweegreden worden zonder stemming aangenomen. In stemming komt het wetsvoorstel.

De Voorzitter: Ik constateer, dat de aanwezige leden van de fractie van de CPN tegen dit wetsvoorstel hebben gestemd en die van de overige fracties ervoor, zodat het is aangenomen. Ik geef gelegenheid tot het afleggen van stemverklaringen over de onderwerpen waarover zojuist is gestemd.

Tweeverdieners Gelijke behandeling Landbouw en Visserij Land bouw-Egalisatiefonds

Tweeverdieners

De heer Van lersel (CDA): Mijnheer de Voorzitter! Wij hebben tegen de motie-Kombrink/Van Nieuwenhoven (18519, nr. 72) over het structureel opvoeren van het bedrag van f 15 min. voor kinderdagverblijven gestemd. Wij willen niettemin verwijzen naar onze opvatting hierover, zoals wij die hedenochtend hebben verwoord in de derde termijn van het debat. Premieheffing

©

De heer Leerling (RPF): Mijnheer de Voorzitter! Mijn fractie heeft uiteindelijk voor het wetsvoorstel 18625 gestemd, ondanks zeer fundamentele bezwaren die ik namens mijn fractie in het debat naar voren heb gebracht. Onze bezwaren zijn er wel aanleiding toe geweest, dat wij tegen enkele onderdelen van het wetsvoorstel hebben gestemd.

©

Mevrouw Brouwer (CPN): Voorzitter! Wij hebben tegen het wetsvoorstel 18625 gestemd. Wij hebben dat niet gedaan, omdat wij niet beseffen dat invoering van gelijke behandeling van mannen en vrouwen ook consequenties heeft voor het terrein van de premieheffing. Wij hebben het wel gedaan, omdat de invoering van de gelijke behandeling nu een bedrag van f538 min. zal opleveren, terwijl niet is gegarandeerd dat dit geld, dat dus komt uit de gelijke behandeling in het kader van de premieheffing, ook wordtgebruikt voor gelijke behandeling van mannen en vrouwen in de AOW. Wij vinden dat betaling voor individualisering niet voor andere doeleinden moet worden gebruikt.

 
 
 

Meer informatie

 
Deze website is tot stand gekomen mede dankzij een subsidie van Instituut Gak.